Luister naar deze pagina met proReader

Toespraak Alexander Pechtold Jaaropening INHolland Amsterdam, 4 september 2008

Thema: Neergang en wederopstanding

Ambitieus, innovatief, betrokken, internationaal georiënteerd.

Daarmee afficheert INHolland zich naar de buitenwereld.

Mooie, aansprekende termen, die ook op een affiche van mijn partij niet zouden misstaan.

Maar het was niet dáárom dat mij is gevraagd hier vandaag te spreken.

Uw bestuur ziet een ándere parallel tussen INHolland en D66:

Die van neergang en wederopstanding.   

Neergang en wederopstanding. Geen eenduidige begrippen.

Neergang is meestal nog wel te verklaren; 

naast de portie pech die iedereen op z'n bordje krijgt,

zijn er vaak oorzaken aan te wijzen.

Maar wederopstanding? Dat ligt ingewikkelder.

Je krijgt ook verschillende antwoorden, afhankelijk van iemands achtergrond.

Vraag het aan een theoloog

en hij zal zeggen:

we wachten er al 2000 jaar op.

Vraag het aan een natuurkundige.

En hij komt met de theorie van de communicerende vaten:

met dezelfde kracht ga je omhoog, als waarmee je eerder omlaag bent gegaan.

Vraag het een econoom

en hij zal je wijzen op de cyclus van 7 jaar.

En als je het aan een politicoloog vraagt, zal hij bedenkelijk kijken.

De neergang kent ie, maar de wederopstanding, die overkomt maar een enkeling.

Net als mijn partij heeft INHolland een moeilijke periode achter de rug.

Beide zijn door een dal gegaan.

INHolland kampte met een forse kwantitatieve achteruitgang; 25% daling studenten,

zelfs eenderde daling marktaandeel HBO.

Bij ons kon het nog erger; 50% daling in zetels;

ons marktaandeel was nog maar 1,5%.  

In een periode van neergang gaat de Wet van Murphy werken.  

Met alle pijnlijke ervaringen van dien. 

Met alle emoties die daarbij horen.

Het zelfvertrouwen verdwijnt en maakt plaats voor onzekerheid.

In zo'n gemoedstoestand doe je bijna altijd de verkeerde dingen.

Te geforceerd wil je de wereld bewijzen dat je zo slecht nog niet bent;

Te geforceerd presenteer je je als `nieuw',  en `anders'.  

En ziet niet dat je daarmee juist het tegendeel bereikt van wat je wilt.

De mensen herkennen je niet meer. En keren zich in nog grotere getale van je af.  

Je komt in een neergaande spiraal van negativisme.

Je staat als het ware op drijfzand.

Geloof in eigen produkt

Dames en heren, in die situatie begon ik in november 2006 aan mijn klus als fractievoorzitter.

Meewarigheid alom.

Van collega-politici, van de pers.

Maar, veel erger , vooral van kiezers.

Het geloof was weg, het vertrouwen was weg.

En iedereen weet dat het terugwinnen daarvan a hell of a job is.

Ik wist waar ik aan begon.

Ik wist waar het fout was gegaan.

Maar ik geloofde nog steeds in mijn produkt.

In het gedachtegoed van mijn partij.

En ik wist bijna zeker dat ik langer nodig had

dan de vier jaar van een regeerperiode.

Herstel van vertrouwen, daarmee begin je in eigen kring, in de eigen organisatie.

Zit het daar niet goed, dan kom je geen stap verder.

De eigen kring moet weer kwaliteit, veerkracht en enthousiasme tonen,

die nodig zijn om de buitenwereld te overtuigen.

De eigen organisatie, die weer wíl en kán optreden als ambassadeur.

Dat is niet eenvoudig,  omdat je nog weinig te bieden hebt.

Je staat in het begin met lege handen. Resultaten blijven nog uit.   

Eerst zien, dan geloven geldt helaas ook op bij je eigen mensen.

Die houding moet je doorbreken.

Met zelfvertrouwen.

Laat je mensen zien dat je er zelf in gelooft.

Tegen het negativisme, tegen de stroom in.

U, als INHolland, werkt hard aan een omslag in organisatiecultuur en structuur.

Dat hebben wij ook gedaan.

Schuif fouten uit het verleden niet onder het vloerkleed.

Benoem ze, sta erbij stil, maar niet te lang.

Van daaruit kun je gaan bouwen.

Niets is zo motiverend als mensen uit alle geledingen voluit  betrekken bij dat proces.

Maak van de professional geen robot. Geef hem de ruimte.

Ga uit van vertrouwen.

Verbetering onderwijs

U werkt vooral ook hard aan verbetering van de kwaliteit van het onderwijs.

INHolland gaat weer les geven, waren koppen in de media.

Studenten krjigen meer colleges, en intensieve begeleiding door docenten, zei uw voorzitter.

Verbetering van de kwaliteit van het onderwijs.

Daarin staat u niet alleen.

De politieke omgeving,  waarmee u te maken hebt, is behulpzaam.  

In D66 als onderwijspartij hebt u een natuurlijke bondgenoot.

Dat wist u al.

Maar inmiddels ligt dat - gelukkig - breder. Géén partij is tegen.

De  politieke omgeving heeft ons óók een handje geholpen.

De zogenaamde tijdgeest bracht een coalitie voort

die in cultureel opzicht in zowat alles de tegenpool is van D66.

De vrijzinnigheid waar D66 voor staat.

En dat niet alleen.

Grote vraagstukken als vergrijzing, globalisering, migratie en klimaat,

ze worden niet aangepakt.  

Dat is fataal voor onze toekomst.

De angst regeert.

Het ontbreekt aan moed om

tegen de stroom van rechts en links populisme in te gaan.

Het ontbreekt aan moed impopulaire maatregelen te nemen.

Belangen van de insiders worden beschermd,

de mensen die al een opleiding hebben,

die al een baan hebben,

die al een huis hebben.

De outsiders - vrouwen, allochtonen, jongeren, hebben het nakijken.

En de volgende generatie wordt het kind van de rekening.

Ons antwoord is duidelijk.

Wij werken langs drie lijnen.

We vechten tegen extremisme en populisme.

We zijn het alternatief voor een moraliserend kabinet.

Én we hebben onze eigen agenda.

Een agenda van hervormen en innoveren.

Hervorming van de arbeidsmarkt, de woningmarkt,

We doen het niet uit Prinzipienreiterei.

Maar vanuit een praktisch probleemoplossende instelling.

Én vanuit de opvatting dat we verantwoordelijkheid dragen voor volgende generaties.

Met deze inzet, met deze agenda hebben we de weg naar boven ingezet.

Ik hoed me voor overmoed, maar ik durf hier wel te zeggen

dat ik met het resultaat tot nu toe niet ontevreden ben.  

Het ziet ernaar uit dat in de geschiedenis van D66

Lazarus toch echt voor de derde keer gaat opstaan.

Voor de jongeren onder u moet ik dit uitleggen:

We hebben het eerder meegemaakt.

De come back in 1977 met Jan Terlouw,

en de wederopstanding met Hans van Mierlo in 1986,

Nu laten we zien, niet alleen in de peilingen

dat een vrijzinnige, sociaal-liberale partij in Nederland bestaansrecht heeft.

Integratiemachine bij uitstek

Dames en heren,

Hier op deze plek, bij  INHolland Amsterdam,

komen 70 nationaliteiten bij elkaar om samen te studeren.  

Een smeltkroes in optima forma.

Dat zie ik als een asset.

In de woorden van uw voorzitter, Geert Dales:

Een uitgelezen kans de integratiemachine bij uitstek te zijn,

Een pareltje aan de kroon van een nieuwe, realistische integratie- en onderwijspolitiek. 

Een integratiepolitiek, die in Nederland zo moeizaam van de grond komt.

Na de jaren van betutteling, gevolgd door de jaren van beschuldiging.

De politiek worstelt ermee.

We zien het als een probleem.

Partijen komen met plannen vol restrictieve maatregelen,

Met een focus op repressie en vervolging in den brede.

Anderen vervallen in oude reflexen

en propageren gesubsidieerde overheidsbanen

en geld pompen in allochtone buurthuizen.

Beide benaderingen, waarbij alle heil van de staat moet komen,

wijs ik af. 

Waarom zien we het als een probleem?

Waarom zien we het niet als een kans?

En waarderen we verscheidenheid van mensen niet positief?

Omgaan met verschil.

Natuurlijk, het is een zoektocht.

Uw voorzitter ging gelukkig niet mee in die gekte over dubbele nationaliteiten.

Het denken in termen van uitsluitend één loyaliteit,

dat past niet in onze geschiedenis.

Die laat zien dat de Nederlandse identiteit

al eeuwen internationaal gericht is,

en niet statisch bovendien.

Identiteit heeft te maken met wat we waren,

met wat we zijn,

maar vooral met wat we willen zijn.

Het is een zoektocht.

Het vinden van een balans tussen openheid en verdraagzaamheid aan de ene kant.

En een niet vrijblijvende gemeenschappelijkheid aan de andere kant.

We lopen liever met een grote boog om de verschillen heen.

We voelen ons er ongemakkelijk bij.  

Laten we er meer ontspannen mee omgaan.

Met die cultuurverschillen binnen onze samenleving.

Laten we niet verkrampt doen als het leidt tot botsingen.

Dat is een normaal proces, dat zijn beloop moet hebben.

U ook van INHolland, kunt  een sleutelrol vervullen.

Want u bent internationaal georiënteerd.  

U ziet de aanwezigheid van mensen met verschillende achtergronden

niet als een verandering, maar als een gegeven.

U zult verscheidenheid van mensen,

net als ik, beschouwen als een bron van maatschappelijke vernieuwing.

Zelfontplooiing, versterking van de persoonlijke identiteit

ten opzichte van de collectieve identiteit,

dat is de smeerolie voor geslaagde integratie.

Zelfontplooiing is dé remedie tegen onverdraagzaamheid.

Het is mijn diepste overtuiging: het moet uit de mensen zelf komen.

Van verzorgingsstaat naar participatiestaat.

En dat mag niet vrijblijvend zijn.

Wij stellen eisen aan nieuwkomers.

Ze zullen meer dan hun best moeten doen

om een plaats in de samenleving te verwerven.

De taart moet groter

Wat kan de overheid doen?

Er zijn in Nederland meer dan 1 miljoen mensen met een niet-westerse achtergrond onder de beroepsbevolking.

De helft heeft een baan, tegen tweederde van de autochtonen.

Als het ons lukt meer migranten aan het werk te krijgen,

tot het peil van de autochtonen,

Als de samenleving hen de kans geeft zichzelf te bewijzen,

Als barrières worden weggenomen,

als discriminatie geen kans meer krijgt,

dan dragen straks zo'n 200.000 mensen meer bij aan onze welvaart.

Rekent u maar uit wat dat betekent voor ons onderwijs, voor de zorg.

De porties hoeven niet kleiner

De taart moet, en kan groter.

De integratiemachine, waar INHolland terecht prat op gaat.

Levert een hoop goede initiatieven om scholing en werkervaring te combineren.

Hier in Amsterdam, en in Den Haag,

in samenwerking met het bedrijfsleven, met ziekenhuizen.

Hoe belangrijk ook, naast deze initiatieven zijn generieke maatregelen nodig.

Want integratie en migratie zetten druk op de verzorgingsstaat.

Migranten hebben last van regels en wetten die `insiders' beschermen.

Ik zei het al: we ontkomen niet aan verdere hervorming,

Zoals van het ontslagrecht,

om de arbeidsmarkt beter te laten functioneren.

Dat is in het voordeel van outsiders.   

Zelfontplooiing, de weg naar zelfstandigheid,

daarvoor is onderwijs cruciaal.

Kwaliteit in het onderwijs is cruciaal.

Dat die kwaliteit onder druk staat zien we dagelijks in het nieuws.

De eerste stap van een landelijke keten van privaat gefinancierde basisscholen

is onlangs gezet, in Bussum.

En Luzac verdient al jaren goed geld.

Het is een groeimarkt.

De kwaliteit van het reguliere onderwijs neemt af. Nog steeds.

Ouders nemen het zekere voor het onzekere.

Ze leveren er graag wat luxe voor in.

En ik geef ze geen ongelijk.

Ik ga er dan ook niet spastisch over doen, over private scholen.

Maar het geeft wel te denken.

De nood is hoog.

We kunnen geen jaren meer verliezen. 

Mensen willen en hebben recht op optimaal onderwijs.

In een schoon gebouw,

in een kleinere klas,

met een gemotiveerde, bekwame leerkracht vóór die klas.

Zelfwerkzaamheid door leerlingen is goed, maar met mate.

En het is onbestaanbaar dat die zelfwerkzaamheid

het tekort aan docenten moet compenseren.  

Leraar meer waarderen

We hebben jarenlang de hoeders van ons talent, de docenten,

onvoldoende gesteund in hun belangrijke taak.

Het aanzien van het beroep is gedevalueerd.

Onderbetaald, en te zwaar belast.

De besten vallen af en de zwaksten kunnen we niet missen.

Te laat hebben we gezien dat een groot tekort aan goede leraren

onafwendbaar is.

Betere beloning helpt,

we zien het dit jaar al aan het grotere aantal aanmeldingen van studenten.

Maar het is niet genoeg.

Als de maatschappij ontevreden is over het onderwijs,

hoe kan er dan enige wervende werking van het beroep uitgaan?

Leraar moet weer een goede baan worden én blijven.

Uitzicht geven op een hoger aanzien

dan het vak vandaag de dag heeft.

Opvoeden voor de prestatiemaatschappij vergt de bereidheid om te presteren.

Die motivatie binnen het vak komt terug

als er maatschappelijke erkenning tegenover staat.

Zowel in status als in materiële termen.

Als het weer een baan met mogelijkheden wordt.

Met een loopbaanperspectief.

Met ruimte voor ontplooiing binnen de eigen professie,

voor het op peil houden van vaktechnische deskundigheid

en maatschappelijke ontwikkelingen.

Ook de leraar moet terug kunnen naar school,

zoals bij alle professionals gebruik is.

Een leven lang leren, éducation permanente'

wordt in onze maatschappij - ook voor de leraar - onmisbaar.

We staan vóór Prinsjesdag. De begroting 2009.

Onderwijs kost geld.

Verbetering van de kwaliteit kost veel geld.

Veel meer dan de krappe 1 miljard

die de minister dit jaar uit zijn begroting heeft moeten persen,

voor de salarisverbetering van leraren.

Ik ben bang dat er voorlopig niet meer inzit.

Tenzij de Kamer anders beslist.

Het basisonderwijs, het middelbaar onderwijs.

Ze staan vooraan in de rij. Terecht.

Maar laten we oppassen dat het hoger onderwijs én de wetenschap

`vergeten' worden.

Laten we oppassen dat we de problemen niet doorschuiven.

Onze kenniseconomie heeft achterstallig onderhoud.

Willen we in 10 jaar terug naar de top,

dan zullen we onze kennisuitgaven fors moeten opvijzelen.

Ieder jaar dat dat niet gebeurt, is een verloren jaar.

Een langjarige investeringsagenda is nodig om ons onderwijs bij de tijd te brengen.

Die agenda ligt er.

Van vroegschoolse opvang tot leven lang leren.

Van concierges op school tot bêta-opleidingen op universiteit en hogeschool.

De kosten zijn niet gering.

Ruim 5 miljard.

Durf te kiezen

Ik daag de hele politiek uit :

Durf te kiezen.

Voor onderwijs, onderwijs, onderwijs.

Stop met het krentmeesterschap.

Laten we kiezen voor een breed gedragen aanvalsplan,

Met een agenda die coalitiebestand is tot 2020.

Met een visie,

niet afhankelijk van de politieke kleur van het moment.

Die ruimte geeft aan het onderwijs,

afscheid neemt van de -regels-zijn-nu-eenmaal-de-regels-cultuur-.

Zodat goed presterende scholen niet telkens lastig gevallen worden met goedbedoelde, maar overbodige controles van de inspectie.

Zodat hbo-scholen zonder onoverkomelijke administratieve rompslomp

op freelance-basis een docent voor een paar uur kunnen aanstellen.

Ik zet in op een politiek akkoord voor tien jaar,

waarmee we 20 jaar schade herstellen.

De politiek zal er vertrouwen mee terugwinnen.

Dames en heren,

We hebben samen de neergang achter ons. 

Maar het kan geen kwaad dat meegemaakt te hebben,

want het vormt ook.  

En als zodanig is het een randvoorwaarde voor herstel.

Dat is ook:   authenticiteit.

Wees jezelf. Ga niet mee in hypes.

En laat je niet verleiden tot een gehéél nieuwe tak van sport.

Geef prioriteit aan waar je goed in bent:

in leraren opleiden.

En onderscheid je daarin .

INHolland opteert voor een lerarenopleiding in Den Haag.

Dat lijkt me een goede zaak.

Den Haag kampt met een groot lerarentekort.

Onderzoek wijst uit dat havo- en vwo-leerlingen niet kiezen voor dit vak,

omdat ze daarvoor naar Amsterdam of Rotterdam moeten.

Die lerarenopleiding is dus geen luxe. 

Als ik, als politicus, kan helpen:

U weet me te vinden.

Ambitieus, innovatief, betrokken, internationaal georiënteerd.

INHolland en D66,

ze hebben meer gemeen dan neergang en wederopstanding.  

.-.-.-.-.-.

 


mail deze pagina naar een vriendprint pagina

Alexander Pechtold over zijn boek: 'Henk, Ingrid en Alexander'
afspeelknop

online netwerken

Hyves PechtoldLinkedIn AlexanderTwitter alexander pechtoldyoutube.complein66.nl
Blog Alexander Pechtold

‘Naar boven kijken in de Trêvezaal’

Vandaag een bijzondere dag in Den Haag. Een vrolijke dag, ook al is het weer een beetje druilerig, want het kabinet Rutte is vandaag door de Koningin beëdigd. Vanochtend hadden ze hun eerste bijeenkomst in de Trêvezaal. ...
lees verder