Luister naar deze pagina met proReader

Dienstenrichtlijn

economische zaken

 

Het mededinging -en concurrentiebeleid van de Europese Commissie heeft het overduidelijk bewezen: een sterke markt heeft een sterke overheid nodig. En daarnaast een betrouwbare toets door de rechter: het Europese Hof van Justitie te Luxemburg is een belangrijke factor gebleken in de onafhankelijke toetsing en daarmee bevordering van de interne Europese markt. Om de interne markt goed te laten functioneren, moet de Europese Commissie ook de uitvoering door lidstaten van Europese wetgeving strikt blijven volgen.

Europese richtlijnen dienen doelmatig, voldoende specifiek en proportioneel te zijn. Geen micromanagement!

Veel ondernemers, met name in het midden en kleinbedrijf (MKB), hebben in de praktijk nog steeds moeite om in andere Europese landen hun diensten aan te bieden. Juist voor onze diensteneconomie is het van belang dat er zo snel en volledig mogelijk een goede dienstenrichtlijn wordt ingevoerd. Op die manier wordt de weg vrij voor grensoverschrijdende bedrijven in de dienstensector

"De Frankensteinrichtlijn" , zo luidt in linkse en vakbondskringen de bijnaam van de Dienstenrichtlijn, vrij naar haar geestelijk vader oud-Eurocommissaris Bolkestein. Deze benaming is volkomen onterecht. De Dienstenrichtlijn is een voorstel voor een vrije markt voor diensten in Europa. Samenvattend: de Commissie stelt voor om het aanbieden van diensten door heel Europa vrij te maken, zoals is voorzien in het EU verdrag. Omdat het onmogelijk - en wellicht onwenselijk - is om tot volledig geharmoniseerde wetten en regels te komen, heeft de Commissie een even eenvoudige als ingenieuze oplossing bedacht: het land van oorsprong principe. Dit houdt in dat de aanbieder onder het rechtssysteem valt van de Lid-Staat waar de hoofdzetel van het bedrijf is gevestigd. Op dit algemene uitgangspunt maakt de Commissie vervolgens een flink aantal uitzonderingen, om te voorkomen dat milieu-, veiligheids- en sociale normen worden ondermijnd. Diensten zijn een groeimarkt, en maken inmiddels naar schatting 50-70% van de Europese economie uit. Volgens het CPB valt er door het wegnemen van handelsbarrières 15-35% groei te halen. De achteruit sukkelende economie van Europa heeft die impuls hard nodig! Alexander Rinnooy-Kan pleit in de VK van 1 december volledig terecht voor het versterken van de dienstensector. Het creëren van een vrije markt voor diensten past ook prima in de doelstellingen van de Lissabon Strategie (een plan uit 2000, om van Europa in 2010 de meest concurrerende, duurzame kenniseconomie van de wereld te maken). De dienstensector is innovatief, kennisintensief en een grote banenmotor, bovendien met de vele kleine en middelgrote bedrijfjes een waar Mekka voor starters en zelfstandigen. Met een structurele werkloosheid van circa 9% is het alleszins de moeite waard om nodeloze obstakels voor vrij verkeer van diensten uit de weg te ruimen. Het probleem zit 'm vooral in overmatige bureaucratische rompslomp, hoge kosten en discriminatie van buitenlandse aanbieders. Niemand heeft er baat bij om die obstakels in stand te houden. Ook Wim Kok, die een evaluatie maakte van de Lissabon Strategie komt tot de conclusie dat het verwijderen van de blokkades in de dienstenmarkt "cruciaal" is. De afwijzende, bijna agressieve houding voornamelijk vanuit de linkerzijde van het politieke spectrum wekt dan ook verbazing. De defensieve houding van gevestigde belangen, en het krampachtig vasthouden aan sociaal-economische modellen uit de jaren vijftig zijn misplaatst en onverantwoordelijk. De doemscenario's van de SP voor een "race to the bottom" en het einde van publieke diensten (Kartika Liotard, VK 6/12/2004) zijn nergens op gebaseerd. De Europese Commissie heeft diverse veiligheidskleppen ingebouwd om kwaliteit en veiligheids- en milieunormen te garanderen, en om sociale dumping en oneigenlijke concurrentie te ondervangen.

Tenslotte dient opgemerkt te worden dat er geen sprake is van verdere liberalisering, maar van tot uitvoer brengen van afspraken over de interne markt. Bij elk voorstel betreffende vrijhandel, liberalisering of concurrentie wordt er traditiegetrouw moord en brand geschreeuwd, maar al met al zijn door de interne markt de sociale normen juist verbeterd, en heeft liberalisering in de meeste gevallen geleid tot betere en goedkopere diensten, binnen het bereik van steeds méér mensen.

Het recept van Links voor een economische impuls komt uit Grootmoeders keuken: begrotingstekorten en staatsschuld, protectionisme, staatssteun en monopolies. Dit Sinterklaassocialisme kennen we allemaal al uit vorige decennia, en we betalen er tot op de dag van vandaag de prijs voor. Als we een gezonde economie willen nalaten aan onze kinderen, moeten we nù de stap zetten naar vernieuwing en de economie van de 21e eeuw, in plaats van ze opzadelen met schulden.

 


mail deze pagina naar een vriendprint pagina
Campagnedag met Sophie in 't Veld en Marietje Schaake
afspeelknop

online netwerken

HyvesFacebookTwitteryoutube.complein66.nl
Blog Sophie in 't Veld

D66 wil geen schijnmaatregelen voor lastenverlichting

 Een van de speerpunten van D66 tijdens de campagne voor de Europese verkiezingen was dat de administratieve lasten voor bedrijven verminderd moeten worden. Het Europees Parlement heeft vandaag ingestemd met het voorstel ...
lees verder