Media
De publieke omroep verliest op dit moment de jongere kijkers en luisteraars. Jongeren brengen tegenwoordig veel meer tijd door op internet dan voor de televisie. Daarom moet internet een van de speerpunten worden van de publieke omroep.
Verder vindt D66 het belangrijk dat geld voor de lokale omroep door gemeentes ook daadwerkelijk wordt uitgegeven aan de lokale omroep, omdat anders hun onafhankelijkheid in het geding komt. Ook moet de Nederlandse overheid veel meer haar best doen om de Nederlandse film te stimuleren. Er moet een einde komen aan de bureaucratische rompslomp die filmmakers belemmert.
Inhoudsopgave van deze pagina:
Publieke omroep
D66 is voor een sterke publieke omroep. Niet marktaandelen of kijkcijfers, maar kwaliteit, onderscheidende programma's, oorspronkelijkheid en onafhankelijkheid dienen centraal te staan. Nieuws en informatie, kunst, cultuur en educatie vormen de kerntaken voor de publieke omroep. Juist die programma's moeten onafhankelijk van commerciële of andere belangen gemaakt worden.
Ook in het digitale tijdperk is een grote rol voor de publieke omroep weggelegd, maar modernisering is noodzakelijk. Hier valt voor de publieke omroep nog een grote slag te slaan. Internet moet de komende tijd een speerpunt zijn van de publieke omroep.
D66 wil de kwaliteit en onafhankelijkheid van de publieke omroep waarborgen. Centrale regie is nodig, maar we willen geen eenheidsworst. De diversiteit van onze samenleving dient ook in de programmering van de publieke omroep tot uitdrukking te komen.
D66 is tegen het reclamevrij maken van de publieke omroep, omdat dit kapitaalvernietiging is. Reclame-inkomsten vormen een aanzienlijk deel van het budget van de publieke omroep. Wanneer die inkomsten wegvallen, zal er meer overheidsgeld nodig zijn om het bestaande aanbod op peil te houden, terwijl dat door die reclame-inkomsten juist niet nodig is.
Verder moet er een royaal gegarandeerd budget voor opera- en concertregistraties, kunstprogramma's, documentaires en andere culturele producties komen.
Tot slot geldt voor de omroep dat het salaris van omroepmanagers en medewerkers gemaximeerd wordt volgend de publieke normen.
Lokale omroep
D66 is van mening dat lokale omroepen belangrijk zijn voor de lokale samenleving en een bijdrage leveren aan de lokale democratie. Gemeenten mogen de verhoogde rijksbijdrage voor de lokale omroep dan ook niet naar eigen goeddunken aan andere doelen besteden. Het geld bedoeld voor de lokale omroep moet daar naartoe gaan, anders komt hun onafhankelijkheid, die voorop hoort te staan, in het geding.
Andere media
D66 wil een snelle verruiming van de zogenaamde cross-ownershipregeling, de regeling die bepaalt in welke mate een dagblad een aandeel mag hebben in een commerciële omroep. Op deze manier zullen mediabedrijven (kranten, uitgevers) meer bewegingsruimte krijgen. Wel moet de veelvormigheid in de kranten- en uitgeverswereld gewaarborgd blijven.
Nederlandse film
D66 is van mening dat de overheid beter haar best moet doen om de Nederlandse film te stimuleren. Nu worden filmmakers nog te veel gehinderd door een gebrek aan continuïteit en een overvloed aan bureaucratische rompslomp. Dat is zonde, want er zit veel potentie in de Nederlandse film.
D66 pleit voor de mogelijkheid filmproductiehuizen op te richten. Deze zijn te vergelijken met de al bestaande toneelproductiehuizen. Door middel van een dergelijk productiehuis kunnen regisseurs, camera- en geluidsmensen, acteurs en schrijvers sneller een oeuvre opbouwen of een stroming ontwikken. Het productiehuis handelt de formele zaken af.
Verder is het belangrijk dat de samenwerking tussen omroepen en filmmakers verbetert. Nu prikkelt het Cobofonds omroepen om voor een relatief klein bedrag in de productie van films te stappen. Hier staat grote invloed tegenover. Het is voor filmmakers frustrerend dat omroepen bij deze samenwerking tot vrijwel niets worden verplicht, zelfs niet tot het leveren van publiciteit.
Naast publieke omroepen moeten ook commerciële omroepen en andere investeerders aanspraak kunnen maken op fondsen als het Cobo en Stifo. Niet alleen de Nederlandse film, ook de positie van de internationale filmfestivals die in Nederland plaatsvinden, moet verstevigd worden. Door ingrijpen van D66 zijn de filmfondsen voor filmmakers uit ontwikkelingslanden (het Hubert Balsfonds en het Jan Vrijmanfonds) gered. Internationaal vermaarde festivals als het Internationaal Documentaire Festival en het Rotterdams Filmfestival moeten ook meer armslag krijgen, om de artistieke film wereldwijd onder de aandacht te brengen.



