Luister naar deze pagina met proReader

Klaar voor de klim

-D66 werkt aan 2010-

Tijdens het Voorjaarscongres 2007 (c85) is Klaar voor de klim , het plan van aanpak voor de komende jaren, voorgelegd aan de leden. Dit is de definitieve versie, door de leden vastgesteld. Het stuk is ook beschikbaar als Word-document .

Hoofdstuk 1: inleiding en aanleiding

Het jaar 2006 was een uitzonderlijk jaar voor D66. We vierden het 40 jarig jubileum en kregen 2 verkiezingsnederlagen te verwerken. Dat doet pijn. Waar we 12 jaar geleden nog met 24 kamerzetels, talloze gemeenteraadszetels en statenzetels en bestuurders op alle niveaus het CDA uit het centrum van de macht wisten te verdringen zijn we nu terug bij af. Reden genoeg voor het bestuur om zich te bezinnen. Op wat er fout ging en (dus) beter kan en moet. Want één ding staat voor ons wel als een paal boven water. Het D66 geluid is en blijft nodig in de Nederlandse politiek. Dat was het 40 jaar geleden en dat is het nú, zo mogelijk, nog meer.

Om door te kunnen met de toekomst moeten we het verleden op ons in laten werken. En dan aan de slag. In deze notitie hebben we gemeend dat eerste te doen aan de hand van observaties. Deze observaties zijn voor ons denken over de toekomst leidend geweest.

Vervolgens stelt het bestuur concrete projecten aan de partij voor. Dit is hoe wij zien dat D66 weer de bruisende ideeënpartij wordt, het redelijk alternatief, met integere en pragmatische bestuurders en bevlogen en geïnspireerde vertegenwoordigers.

We willen weer investeren in onze inhoud en in onze mensen. Vooral aan de basis, maar ook aan de top. Wij putten daarbij inspiratie uit ons programma. De richtingwijzers voor sociaalliberale politiek wijzen ons ook de richting naar het herstel van D66. Want wat voor het land goed is, is dat ook voor de partij. Voor elk lid, voor ieder kiezer, voor de afdelingen, de regio's, de platforms en onze politieke vertegenwoordigers. Dus vertrouwen op mensen, met een open blik de grens over, met respect voor het milieu en de kwetsbaren in de samenleving.

Proces en verantwoording

  • Dit document `Klaar voor de klim' was vanaf maandag 18 maart voor iedereen digitaal beschikbaar;
  • Het bestuur heeft expliciet aan de besluitvormingscommissie advies gevraagd over de behandelwijze tijdens het congres. Het advies van de commissie was om de notitie vanaf het onderdeel projectvoorstellen amendeerbaar te maken. Dit advies heeft het bestuur overgenomen en daarbij de teksten in de andere hoofdstukken op aanraden van de commissie aangepast.
  • Iedereen die een reactie wilde geven of suggesties had, kon dit doen tot 2 april. Daarvan is enthousiast gebruik gemaakt. Het bestuur heeft ongeveer zestig reacties binnengekregen: per email en/of op andere manieren. Daarnaast zijn verslagen van bijeenkomsten in het land binnengekomen en heeft op 30 maart een bijeenkomst plaatsgevonden in Utrecht met de provinciale lijsttrekkers, kandidaten en inmiddels gekozen statenleden en hun campagneleiders. Ook daar is uitgebreid bij het document stilgestaan. 
  • Op basis van de reacties heeft het bestuur de notitie op onderdelen aangescherpt;
  • De amendementen en moties op `Klaar voor klim' die tijdens het voorjaarscongres 2007 (c85) zijn aangenomen, zijn in deze versie verwerkt.
 

De reacties vragen nog om vier opmerkingen vooraf:

Met het document "Klaar voor de klim" heeft het bestuur gekozen voor een doel- en actiebenadering: het opstellen van een praktisch werkzaam stuk met daarin de "lessons learned"en vervolgens concreet werkbare verbeterprojecten. Klaar voor de klim heeft niet de pretentie om een sluitende analyse te geven van alle relevante interne en externe oorzaken, verklaringen en verbanden die de ontwikkeling van de partij kunnen duiden.

De tweede opmerking is dat het bestuur zich terdege realiseert dat de politieke inhoud en daaraan gekoppeld een herkenbare koers van D66 nog onvoldoende aan bod is gekomen in de "Klim". We moeten continu bezig zijn met praktische vertalingen van het sociaal-liberale gedachtegoed, het benoemen van nieuwe relevante thema's en D66-eigen oplossingen hiervoor. D66 wil een brede sociaal-liberale partij zijn, die zowel economische als bestuurlijke hervormingen nastreeft en lastige onderwerpen zoals immigratie en segregatie van eerlijke antwoorden durft te voorzien.

Ten derde, we voelen de noodzaak om het inhoudelijke debat binnen de partij een extra stimulans te geven, zonder onze grondslagen ter discussie te stellen. Maar in een sterk veranderende maatschappelijk- en politieke omgeving vragen onze politieke oriëntatie en daaraan gekoppeld de praktische politieke inhoud voortdurend om onderhoud en vernieuwing. Hoe verhoudt zich bijvoorbeeld de sterke behoefte aan gemeenschapszin in de samenleving met de door D66 gewenste individuele ontwikkeling en ontplooiing? Welke antwoorden heeft D66?

Met de permanente programmacommissie zullen we afspraken maken om de congressen in 2008 aan deze discussie te wijden.

Als vierde, de discussie over de positie van D66, de politieke inhoud en de wensen van leden om de partij weer sterk en vitaal te maken is met de besluitvorming op het mei congres niet af. En gelukkig maar, de partij is een beweging.

We willen de betrokkenheid en inbreng van leden vasthouden en hun adviezen beter gebruiken. Na de zomer zullen we elke twee maanden een "Klimbijeenkomst" in de regio's organiseren. De politieke inhoud en ledenbinding staan daarbij centraal.

Hoofdstuk 2: Observaties

Om meer zicht te krijgen op de politieke positie van de partij hebben we de voornaamste ontwikkelingen geclusterd naar observaties. Deze observaties zijn mede gebaseerd op de inbreng van leden en op de rapportages die de afgelopen periode zijn gemaakt naar aanleiding van achtereenvolgende verkiezingsresultaten.

We hebben bewust gekozen voor het begrip `observaties' omdat dat begrip ieders eigen waarneming van de werkelijkheid het best verbindt. We hebben er bewust voor gekozen om niet uit te zoeken wie op welk moment al dan niet verkeerd heeft gehandeld: het zogenaamde feitenonderzoek. Hier speelt immers het methodische probleem van de objectiveerbaarheid van feiten en data: wie heeft wat gedaan (of niet gedaan), in welke situatie, met welke motieven en welke middelen. Een ander probleem daarbij is de omvang en de selectie van de casuïstiek.

De eerste zes observaties verwoorden de blik op ons verleden. De volgende zes observaties vormen de weerslag van kansen en potenties. De observaties zijn hieronder kort beschreven en vervolgens zijn hieruit conclusie getrokken.

Observatie één: twaalf jaar regeren kost kiezers

Tussen 1994 en 2006, met een kleine onderbreking in 2002/2003, hebben we deel uitgemaakt van de regering. De eerste jaren van regeringsverantwoordelijkheid is resultaat behaald op gebieden als euthanasie, winkelsluitingswet en homohuwelijk. De laatste drie jaar is het accent komen te liggen op hervorming van de sociale zekerheid en de gezondheidszorg.

Het dragen van regeringsverantwoordelijkheid heeft met zich meegebracht dat er in de partij mechanismen zijn ontwikkeld om effectief te kunnen besturen. D66 is altijd de partij geweest van `het redelijke alternatief', de nuances, intellectuele diepgang en niet ideologisch gedreven. Deze natuurlijke neiging tot pragmatisme is doorgeslagen naar een grote vanzelfsprekendheid de achtereenvolgende kabinetten steun te geven. De keerzijde hiervan is echter dat per saldo het open debat binnen de partij - ondanks alle mooie inspanningen - een ondergeschoven kindje is geworden.

Het mantra dat regeren D66 zetels kost is sinds 1994 bijna net zo vanzelfsprekend geworden als het regeren zelf. Twaalf jaar zijn geen verkiezingen meer gewonnen. Naast zetelverlies heeft dit ook een neerwaarts effect gehad op het aantal leden, het actieve kader, de cultuur in de partij en de sfeer rond de partij.

Politiek- strategisch was de positionering van D66 altijd links van het midden. Door deelname aan Balkenende II is dit naar rechts verschoven. Het beeld van de partij werd hierdoor diffuus. Maar fundamenteler is dat de geloofwaardigheid van D66 en daarmee het vertrouwen in de partij heeft ingeboet.

Observatie twee: de positie van D66 in Balkenende II was minder gelukkig

Kabinetten zijn in het meest gunstige geval effectieve verstandshuwelijken. Zeker in de Nederlandse situatie waarin altijd een coalitie van meerdere partijen een regering moet vormen.

Deelname van Paars II was niet vanzelfsprekend omdat D66 niet nodig was voor de meerderheid. Hoewel nodig voor de meerderheid was deelname van D66 aan het kabinet Balkenende II ook niet vanzelfsprekend aangezien de partij zich altijd links van het midden had begeven en nu een centrumrechts kabinet instapte. In de relatie tussen twee hechte partners CDA en VVD, bleef de derde partner getalsmatig de junior. Bovendien had de coalitie van CDA, VVD en LPF ook na de verkiezingen in 2003 nog een meerderheid. De Christenunie en SGP vormden een blok dat in de Tweede Kamer getalsmatig de plaats van D66 kon overnemen. De fractie kon weliswaar meer politieke ruimte claimen, maar voor het regeringsbeleid deed het er weinig toe. Ten slotte hadden CDA en VVD D66 ook niet nodig voor een meerderheid in de Eerste Kamer.

Over de deelname aan Balkenende II is een apart boek te schrijven. En dat komt er misschien ook wel. Hier volstaan we hier met de opmerking: als je deelneemt aan een kabinet moet je niet op twee gedachten hinken. We straalden te veel uit: we zitten wel in het kabinet, maar voelen ons er niet echt in thuis. Oppositie voeren tegen je eigen kabinet is moeilijk. Het was lastig om de successen van het kabinet - zoals de hervormingen die in ons eigen verkiezingsprogramma stonden - voldoende uit te venten als eigen successen.

Met het hoofd waren de keuzes goed te beredeneren, maar het hart wilde vaak niet volgen. De minpunten werden vergroot. En wankelmoedigheid en ambivalentie wordt door de kiezers nooit beloond. En als iets ons is opgebroken is in het kabinet is het wel het asiel- en vreemdelingenbeleid, zoals vormgegeven door de minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie in het kabinet Balkenende II.

Observatie drie: het verlies van lokale vitaliteit tast de partijbasis aan

Op lokaal en regionaal niveau was het in de jaren 90 niet ongebruikelijk dat D66 de tweede partij was. Van al die grote fracties met dikwijls wethouders of gedeputeerden, zijn nu vooral nog eenmansfracties over.

Onze actieve volksvertegenwoordigers hebben vaak nog maar een overzichtelijke groep actieve meedenkers en medewerkers om zich heen. Ook bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen en provinciale statenverkiezingen is talent en vakkennis voor het publieke domein verloren gegaan. Voor niet herkozen raads- en statenleden, niet herbenoemde wethouders bestaan geen vanzelfsprekende prikkels om in een steunfractie of raadscommissie deel te nemen.

Het aantal actieve afdelingen is afgenomen waardoor de structuur van de partij onder druk staat. In die omstandigheden lukt het veel afdelingen niet meer om regelmatig politiek inhoudelijke discussies te organiseren, vacatures vervuld te krijgen, congressen voor te bereiden en interessante sprekers een gehoor te bieden. En dat terwijl het politiek inhoudelijke debat van levensbelang is voor de partij.

Er is grote diversiteit tussen de afdelingen en regio's. Er zijn gelukkig energieke, grote bruisende afdelingen en regio's die alle partijfuncties uitstekend bemensen. Daarnaast zijn er afdelingen en regio's die draaiende worden gehouden door een handjevol hardwerkende actieve leden.

Gelukkig zien we dat - nu D66 ontslagen is van regeringsdeelname - actieve afdelingen kans zien een gestage stroom nieuwe leden op gang te brengen. Er komen ook leden binnen, die graag de handen uit de mouwen willen steken.

Een structurele begeleiding van deze nieuwkomers is nog onvoldoende georganiseerd. Mensen worden in feite in het diepe gegooid: er is nauwelijks georganiseerde kadervorming, er zijn geen duidelijke opleidingstrajecten, coaching, scouting en inwerktrajecten. Ook de platforms zijn van belang om thematische clustering en horizontale verbanden in de partij aan te brengen.

Observatie vier: niet de bal maar de persoon

D66 is een partij van integere en open politiek. Door buitenstaanders vaak getypeerd als: `een clubje nette mensen'. De wijze waarop in de afgelopen periodes binnen D66 met elkaar is omgegaan was niet altijd congruent met het beeld van `dat clubje nette mensen'.

Illustratief hiervoor zijn sommige discussies op de BV mail. Op de BV-mail, een mailinglijst waar alle gekozen en benoemde (oud)vertegenwoordigers en bestuurders zich op kunnen aansluiten, zijn onze eigen politici geregeld onderwerp van discussie geweest. Daarbij wordt niet op de bal gespeeld, maar op de persoon. En dat veilig thuis van achter beeldscherm en toetsenbord. Sommige BV-mailers onderschatten het effect van hun handelen op de cultuur binnen de partij.

Ook heeft de rivaliteit en de strijd om het leiderschap van de partij een cultuur aangewakkerd waarin discussies over persoon, de échte discussie over de zaak ernstig in de weg zaten.

De beslommeringen rond het politieke leiderschap heeft in de afgelopen jaren de schoonheidsprijs niet gewonnen. Oude en soms vermeende rivaliteiten van voor- en tegenstanders van verschillende stromingen waren een constante bron voor kritiek. Enerzijds hoort dit bij een strijd om het leiderschap in een politieke partij. Anderzijds heeft het sporen nagelaten op het aanzien van D66.

Wat we ons wel moeten realiseren is dat D66'ers leiderschap slechts tot op zekere hoogte willen accepteren. Leiderschap moet worden gecontroleerd en beheerst. De statuten en het huishoudelijke reglement van de partij bevatten juist op dit punt paginalange artikelen die de `checks en balances' afdwingen. De geschreven en ongeschreven regels in de partij maken dat leiderschap met argwaan wordt gevolgd. En de grens tussen argwaan en wantrouwen is slecht te trekken en arbitrair.

De soms geringe bereidheid om leiderschap loyaal toe te kennen en te erkennen is een van de cultuurkenmerken in de partij. Degenen die verantwoordelijkheden toevertrouwd hebben gekregen willen die ook serieus uitoefenen. Niet alleen de politieke leider en de kamerfracties, ook een partijvoorzitter, het Landelijk Bestuur en elk regiobestuur of afdelingsbestuur moet ervan uit kunnen gaan dat zij of hij kan opereren op basis van het gegeven vertrouwen.

Dit alles leidt niet alleen binnen D66 tot een verbeten en krampachtige sfeer, maar het heeft ook zijn weerslag op het imago van D66 naar de kiezer toe, zeker als het via de media wordt gespeeld.

Observatie vijf: regie, coördinatie en afstemming is hard nodig

Wanneer het goed gaat met een partij is het werven van leden, de toestroom van kader en het betrekken van denkers en opinieleiders gemakkelijker dan wanneer het minder goed gaat. Mensen willen zich identificeren met winnaars en hebben minder op met verliezers.

Als een partij jarenlang achtereenvolgende verliezen incasseert heeft ook iedereen een eigen recept voor herstel. En er zijn veel suggesties gegeven. Dit vraagt om luisteren, een heldere analyse, herkenbare regie en coördinatie.

Ook het bestuur heeft de regie onvoldoende kunnen voeren. Hierbij speelde mee, dat de gebeurtenissen in de laatste jaren elkaar dermate snel op volgden, dat alleen het bijhouden ervan al bijna niet te doen was. Daarnaast is de samenstelling van het bestuur (mix van portefeuilles, beschikbare tijd en affiniteit) op dit moment niet voldoende uitgebalanceerd om leden te activeren, kader te vormen, contact met de afdelingen te onderhouden en in de breedste zin van het woord, ondersteunend bezig te zijn. En we stellen ook vast, dat de focus op het gewenste resultaat en de communicatie onvoldoende was.

Observatie zes: de regels binnen de partij zijn niet meer van deze tijd

Er zijn weinig politieke partijen in Nederland, die haar eigen organisatie zo heeft dichtgetimmerd als D66. D66 is in omvang een overzichtelijke partij, maar wel met een huishoudelijk reglement van meer dan 60 pagina's. Dit uitdijende aantal is ontstaan door een langzaam maar zeker gegroeide gewoonte allerlei zaken niet gewoon af te spreken bij congres- of bestuursbesluit, maar alles ook algemeen verbindend verklaard te willen hebben voor alle omstandigheden, voor alle uitzonderingen en in alle details.

De balans tussen besturen op basis van vertrouwen of het volgen van regels is onevenwichtig. Ieder actief lid in de partij heeft daar mee te maken. Dat heeft het bestuur goed gemerkt in alle verkiezingsprocedures van de afgelopen jaren. Het ene dispensatieverzoek volgde op het andere.

Dit bestuur wil energie steken in de inhoud met daarbij een passende set regels die dient om te toetsen. Regelgeving is een middel en geen doel op zichzelf. De partij wil in alle geledingen energie steken in inhoud in plaats van in procedures.

Een eerste ronde van opschoning van de statuten en reglementen is inmiddels al op gang gebracht: vanuit de afdelingen kwamen met name veel verzoeken de procedures voor kandidaatstellingen en benoemingen te vereenvoudigen.

Observatie zeven: de parels voor vernieuwing liggen aan de basis

De recente `Grand tour' langs provincies en afdelingen in het kader van de Statenverkiezingen heeft duidelijk gemaakt dat aan de basis van de partij een aantal afdelingen en regio's hun vitaliteit hervinden.

Enthousiaste afdelingen die week in week uit op de markt staan om kiezers te benaderen. Eenmansfracties die door een inhoudelijke inbreng en creatieve voorstellen gezag hebben in gemeenteraden en staten. Het aantal lokale en regionale parels in de partij neemt gestaag toe in bijvoorbeeld Utrecht, Breda, Nijmegen, Roosendaal, Tilburg, Leiden, Gelderland, Zuid Holland, Gennip, etc, etc, etc.

Dit succes is gebaseerd op een andere manier van politiek bedrijven en campagne voeren. Nieuw voor D66. De rode draad daarbij is: van buiten naar binnen denken en actief handelen.

  • Permanent opzoeken van kiezers op markten of in de straat;
  • Opvallende politieke voorstellen in raden en staten;
  • Persoonlijke gedrevenheid en inzet van lokale en provinciale leiders;
  • Verstand van zaken en volharding;
  • Tell and sell: het actief benaderen van media met originele acties;
  • Het houden van zogenaamde masterclasses naar Utrechts voorbeeld.
 

Daarnaast is onze jongerenorganisatie, de JD, één van die parels. Een actieve en flexibele groep, die zowel een eigen en eigenzinnig geluid laat horen en bij de campagnes altijd weer een grote rol speelt. De JD behoort tot de grotere niet confessionele politieke jongerenorganisaties in dit land en is een bron voor jong talent. Veel JD'ers stromen door naar actieve functies binnen D66.

Observatie acht: Alexander Pechtold is onze herkenbare leider

Na het aftreden van de vorige door het congres gekozen leider is een vacuüm ontstaan, dat sinds juni 2006 is opgelost. Alexander Pechtold is de politiek leider. Een leiderschap dat breed wordt erkend en gedragen. Vanuit deze positie kan het gezag en vertrouwen in de persoon en de partij worden opgebouwd. Een uitgelezen kans om een herkenbaar politiek profiel neer te zetten.

Observatie negen: Het juiste debat ontbreekt in de partij

Na 12 jaar regeren zijn er mechanismen in de partij ontstaan die het inhoudelijke debat aan de basis hebben ondermijnd. En dat terwijl het debat diep zit in de genen van ieder lid van de partij. Zo veranderde de ideeënpartij D66 van een bevlogen pragmatische beweging naar een bestuurlijke partij. Debat, kennisuitwisseling en kennisontwikkeling zijn de kerntaken van een politieke partij, zeker van de onze. En daarom gaan we het debat opnieuw organiseren.

Observatie tien: de congressen hebben een belangrijke functie

In de geschiedenis van de partij spelen de congressen altijd een belangrijke rol. Niet alleen als hoogste besluitvormend orgaan, maar ook als politiek forum en ontmoetingsplaats voor actieve of nieuwe D66 leden. Of het nu goed of slecht gaat met de partij, het aantal bezoekers schommelt altijd tussen de 400 en 800 personen. Er zijn qua programmering uiteraard altijd verbeteringen mogelijk, maar per saldo geven congressen de leden energie en vergroot het de binding aan de vereniging.

Observatie elf: de fouten uit het verleden zijn erkend

Zelfreflectie is D66 niet vreemd. In 2006 hebben de politieke kopstukken van D66 hun fouten erkend. Verkeerde besluiten of strategische blunders die met de inzichten van nu niet meer zouden worden gemaakt. Het erkennen hiervan heeft op een natuurlijke manier plaats gevonden. In toespraken op congressen en afdelingsvergaderingen, in interviews of via persoonlijke gesprekken. Het verleden is niet doodgezwegen of onder het tapijt verdwenen. Er is gezegd wat er gezegd moest worden. Pijn, verdriet en teleurstelling zijn gedeeld en voor een belangrijk deel opgeruimd.

Daarmee ontstaat ruimte voor nieuwe ideeën en voornemens. En wie de kiezer op markten en in straat aanspreekt voelt merkbaar weer iets van de vernieuwde sympathie die kiezers voor ons hebben. Eind 2006 en begin 2007 zijn zo de eerste voorzichtige stappen naar herstel ingezet. De uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen geeft moed. Het landelijke percentage kiezers dat op D66 heeft gestemd is hoger dan bij de verkiezingen in november 2006.

Observatie twaalf: D66 in de oppositie biedt nieuwe kansen

Sinds medio 2006 maakt D66 geen deel meer uit van de regering. Dit biedt kansen om het politieke profiel te versterken en het eigen gedachtegoed verder tot ontwikkeling te brengen. Het juk van coalitieafspraken is van D66 afgevallen. De kamerfracties hoeven geen moeizaam verkregen compromissen meer te verdedigen. Hierdoor ontstaat weer meer ruimte voor ons een eigen geluid en onze eigen koers.

We hebben vele jaren geregeerd, onze verantwoordelijkheid genomen. En in de toekomst is dat beslist weer een mogelijkheid om invloed uit te oefenen. Maar ook vanuit democratisch oogpunt is het goed om een tijdje in de oppositie zitten.

Hoofdstuk 3: Visie op de toekomst

D66 is de verkiezingen ingegaan met een progressief verkiezingsprogramma. Die progressiviteit, veranderingsgezindheid, zien we terug op alle niveaus. Zowel Europees, landelijk, provinciaal als lokaal.

Daar waar steeds meer partijen kiezen voor het bedienen van de conservatieve kiezer, blijft D66 koersvast: hervormingsgezind, gericht op zelfbeschikking en ontplooiing van het individu, met een open blik op de wereld. En de verbetering van de ecologie, milieu en duurzaamheid. Voor nu en voor later. Het versterken van de positie van mensen die hun eigen keuzes moeten kunnen maken.

Ondanks het verlies van de afgelopen jaren blijft dat overeind staan en zijn daar geen misverstanden over: D66 is dé progressief-, sociaal-, of zo u wilt links-liberale partij van Nederland. Dat zijn we en dat willen we blijven.

De partij is trots op het verkiezingsprogramma waar we de Tweede kamerverkiezingen mee zijn ingegaan. Het heeft de toets der kritiek goed doorstaan bij de instanties die maatschappelijk en financieel de partijprogramma's doorlichten en doorrekenen.

In de vijf richtingwijzers voor een progressieve sociaal-liberale visie geeft D66 helder aan waar wij voor staan. En waar wij in het politiek krachtenveld staan:

  • Vertrouw op de eigen kracht van mensen
  • Denk en handel internationaal
  • Beloon prestatie en deel de welvaart
  • Streef naar een duurzame en harmonieuze samenleving
  • Koester de grondrechten en gedeelde waarden
 

Om vanuit deze richtingwijzers verder te ontwikkelen, zijn verandering in bestuur, structuur en cultuur nodig, in de latere voorstellen staat beschreven hoe wij ons dat voorstellen.

Hoofdstuk 4: conclusies

 

  • Achtereenvolgende regeringsdeelnames hebben ertoe geleid dat de herkenbaarheid van D66 minder is geworden en het politieke debat binnen de partij op een laag pitje heeft gestaan. De nieuwe rol als oppositiepartij geeft kansen om het tij te keren. Het herkenbare politieke leiderschap van Alexander Pechtold en de fractieleden Fatma Koser Kaja en Boris van der Ham geeft ons het vertrouwen dat dit lukt.
  • De eerstvolgende verkiezingen zijn in 2009 voor het Europees parlement; dat is de eerstkomende lakmoesproef. Het jaar daarna is de krachtmeting bij de verkiezingen voor de gemeenteraden. Het bestuur ziet die verkiezingen als ijkpunt voor de opbouw van de partij, het aantal actieve leden en afdelingen, de kadervorming en het inhoudelijke debat in de partij.
  • Het verkiezingsprogramma biedt prima handvatten voor de toekomst. De uitgangspunten zijn solide, de koers is helder en het is extern goedgekeurd. Wel moet de ideeënmachine grondiger functioneren. De partij moet vernieuwing van politieke ideeën stimuleren.
  • Een kleinere fractie en minder leden betekent ook minder geld voor ondersteuning voor de vereniging. We zullen de beschikbare middelen heel gericht moeten inzetten en dit veel meer koppelen aan afrekenbare resultaten. Veel bestaande initiatieven moeten worden verbonden aan een beperkt aantal prioritaire projecten die we dan wél gaan realiseren.
  • Kadervorming aan de basis van de partij is cruciaal. Mensen maken de partij. Die moeten we veel beter werven, opleiden, coachen, binden en boeien.
  • Het bestuur van de partij zal zich moeten omvormen tot een kleinere en slagvaardigere eenheid. De afzonderlijke bestuursleden krijgen de verantwoordelijkheid om meetbare doelen te realiseren. Zij leggen hierover in de eerste plaats verantwoording af aan de voorzitter van het bestuur. Die legt dan weer verantwoording af aan het congres.
  • De statuten en het huishoudelijk reglement moeten kritisch worden bezien. De fundamenten ervan zijn gebaseerd op denkbeelden uit de jaren zeventig. De wijzigingen van de afgelopen jaar zijn te marginaal geweest. De structuur moet flexibeler en gebaseerd zijn op vertrouwen in plaats van op louter regels.
 

Hoofdstuk 5: voorstellen

Het bestuur wil na besluitenvorming op het voorjaarscongres zo spoedig mogelijk onder de titel `Klaar voor de klim' vijf essentiële projecten inrichten en gaan uitvoeren. Deze vijf projecten zijn de fundamenten voor partijvernieuwing: van huiskamer naar burgerbeweging.

`Klaar voor de klim' heeft een duur van drie jaar. Van mei 2007 tot mei 2010. We kiezen nadrukkelijk voor een projectaanpak die niet verankerd is in statuten en reglementen van de partij. Hierdoor kunnen we snel handelen en bijsturen als dit nodig is.

Om de projecten te kunnen starten hechten wij aan het committent en de steun van de leden. Daarom worden vijf voorstellen aan het congres voorgelegd ter besluitvorming.

Er zijn meer projecten denkbaar. Het bestuur kiest bewust voor niet meer dan vijf projecten. Met een kleine bezetting kunnen we deze projecten aan. Liever een beperkt aantal goed uitvoeren dan ons vertillen aan een te zware werklast.

Over de voortgang en het realiseren van de benoemde doelen vindt elk congres verantwoording plaats. De projecten zijn:

  • Het Debat Centraal; 
  • Parels Aan de Basis;
  • D66 Academie;
  • Winnen 15.000; 
  • Herziening werkwijze.
 

Voor alle projecten geldt, dat het hier gaat om een eerste aanzet. Het zijn nog geen uitgewerkte projectplannen. Zodra er groen licht is van het congres, gaan de verschillende projecten voortvarend van start. Elk lid van het Landelijk Bestuur draagt verantwoordelijkheid voor één of meer projecten en zal met ondersteuning van de professionals in de partijorganisatie de projecten uitvoeren. Bij de `uitvoerenden' staat nogal eens de cryptische aanduiding, dat er `een derde' meedoet aan het project. Zoals gezegd zal elk lid van het bestuur één of meerdere projecten adopteren met medewerking vanuit het bureau. Op sommige projecten zoeken we nog een derde man of vrouw. Dat is nog niet ingevuld. Van meerdere kanten hebben zich al `derden' aangemeld. Er zal steeds door het betreffende bestuurslid een team gevormd worden en de aanbiedingen vanuit de partij worden daar in meegenomen.

Het Debat Centraal

Het Debat Centraal is een project dat als doel heeft het debat binnen de partij relevanter maken. We stellen dan ook voor om de positie van het inhoudelijke debat binnen de partij op verschillende manieren te versterken:

  • Permanente programmacommissie;
  • Platforms;
  • Peilingen;
  • Kenniscentrum.
 

Permanente Programmacommissie

In een veranderd politiek krachtenveld is het nodig om, de eigen plaatsbepaling en daaraan gekoppeld de praktische politieke inhoud te onderhouden en te vernieuwen. Met de permanente programmacommissie zullen we afspraken maken om de congressen in 2008 hieraan te wijden.

De permanente programmacommissie heeft ook als taak het verkiezingsprogramma permanent up to date te houden, te verdiepen en nader uit te werken. De permanente programmacommissie werkt met tijdelijke expertpanels die zich buigen over maatschappijrelevante vragen. De programmacommissie waakt over de kwaliteit en hanteert daarom een strenge ballotage.

De ingrediënten zijn:

  • Werken met expertpanels
  • Aanjager voor artikelen in de media
  • Organiseren van publieke debatten
 

Platforms

De Platforms van D66 zijn toegankelijk voor iedereen die zich betrokken voelt bij bepaalde thema's. Zij zijn het forum voor laagdrempelig debat over uiteenlopende onderwerpen. Dat laagdrempelige debat heeft een belangrijke bindende functie in de partij. En met de kwaliteit die D66 op elk terrein binnen haar gelederen heeft verwachten wij dat vanuit de Platforms een belangrijke bijdrage aan het inhoudelijke debat wordt geleverd.

De ingrediënten zijn:

  • Iedereen kan meedoen
  • Initiatieven van onderaf
  • Verbinding van wetenschap en praktijk
 

Peilingen

De nieuwe D66 website en het voor leden toegankelijk intranet geeft ons de mogelijkheid om snel te peilen hoe over bepaalde zaken wordt gedacht. Het Landelijk Bestuur en de fracties zullen veelvuldig van deze mogelijkheid gebruik gaan maken. We verwachten langs deze weg het debat in de partij los te maken.

De ingrediënten zijn:

  • Digitale gedachteontwikkeling
  • Snelheid
  • Breed bereik
 

Kenniscentrum

Het Kenniscentrum wordt in dit project de plek waar alle lijnen samenkomen. De permanente programmacommissie, de platforms, de fora, het inhoudelijke werk van de fractie en daarnaast de al bestaande activiteiten als bijvoorbeeld IDEE. Het is daarom van belang dat iedereen bij inhoudelijke activiteiten het Kenniscentrum informeert. In het Kenniscentrum houden we het overzicht, leggen we de dwarsverbanden en identificeren we ontbrekende schakels.

Kernteam: Mark Sanders (Voorzitter Kenniscentrum), de medewerkers van het Kenniscentrum en een derde.

Parels Aan de Basis

Er zijn steeds meer actieve afdelingen binnen D66 die op een wervende manier permanent de kiezers benaderen en een uitstekende inbreng hebben in raden en staten. Bijna altijd hangt een sterke afdeling samen met de rol van een actief raads- of statenlid. Een aantal van deze raads- en statenleden brengen we bij elkaar. Met een vertegenwoordiging van deze pareltjes gaan we een netwerk vormen voor de duur van drie jaar, tot de volgende gemeenteraadsverkiezingen.

Het doel van dit parelnetwerk is om vanuit goed lopende afdelingen een olievlekwerking te realiseren naar andere afdelingen. Daarnaast is een doel om met elkaar kennis en ervaring uit te wisselen over zowel de politieke inhoud als de do's en dont's voor het versterken van de afdelingen.

Ingrediënten zijn:

  • Maximaal 25 vertegenwoordigers;
  • Deelnemers committeren zich voor drie jaar;
  • Kraamkamer en uitvoering van lokale en regionale versterking;
  • Informeel netwerk met ongeveer 4 formele bijeenkomsten per jaar;
  • Elke vertegenwoordiger `adopteert' een minder actieve afdeling voor de duur van 1,5 jaar;
  • Afhankelijk van het succes van de eerste ronde van met een duur van 1,5 jaar start er een tweede;
  • Het structureel betrekken van de Jonge Democraten
 

Het kernteam dat verantwoordelijk is voor het realiseren: bestuurslid Bart Robbers (vice voorzitter Landelijk Bestuur), de ledenmanager van het Landelijk Bureau en een derde.

De ambitie is om in 2010 tientallen nieuwe raadsleden te mogen begroeten. In gemeenten waar D66 het bovengemiddeld goed heeft gedaan zal dat ook leiden tot wethouders. We zijn ervan overtuigd dat uit deze groep nieuwe talent zich verder zal ontwikkelen.

Veel energie zal dan ook tot 2010 gestoken worden in talentontwikkeling van potentiële gemeenteraadsleden. Maar vanaf 2007 zal ook energie gestoken worden in kadervorming van afdelingsbestuursleden.

D66 Academie

De partij heeft nieuw bloed nodig. Het ontwikkelen van nieuwe talenten moet meer structuur krijgen. Het alleen aanbieden van cursussen en training is vaak niet voldoende. Wij willen een D66 talentenklas starten waarin jonge en oudere talenten hun politieke en bestuurlijke kwaliteiten verder tot ontwikkeling kunnen brengen.

Het doel van de D66 academie is een aantrekkelijk en exclusief opleidingsprogramma te realiseren voor potentiële vertegenwoordigers van D66.

Ingrediënten zijn:

  • Maximaal 30 deelnemers;
  • Deelname op basis van sollicitatie en selectie;
  • Hechte betrokkenheid deelnemers onder andere door eigen financiële bijdrage;
  • Duur 1,5 jaar, ongeveer 10 dagdelen per jaar;
  • Opleiding koppelen aan stage lokale afdeling (verbinding Parels aan de basis);
  • Afhankelijk van het succes van de eerste ronde met een duur van 1,5 jaar start er een tweede ronde;
  • Doorontwikkeling van het project Stimulans;
  • Masterclasses voor 100.000+ gemeentes naar het voorbeeld van de afdeling Utrecht, die deze masterclasses georganiseerd heeft voor de gemeenteraadverkiezingen van 2006.  
  • Aansluitend een Masterclass II ter voorbereiding voor de Gemeenteraadverkiezingen in 2010;
  • Leergang afdelingsbestuur: voor huidige en toekomstige bestuurders, waarin alle aspecten aan de orde komen: verhouding fractie - bestuur, werkplannen, financiën, verkiezingsprogramma, etc.
  • Het huidige aanbod training en opleiding wordt vraaggericht en waar nodig vernieuwd.
 

Het kernteam dat verantwoordelijk is voor het realiseren: Roelof van Netten (vice voorzitter landelijk Bestuur), medewerker kadervorming en een derde.

Winnen 15.000

De afgelopen jaren is er een ledenverlies geweest. Dit verlies wordt zonder gerichte acties niet goedgemaakt. Het werven van leden is wezenlijk voor de vereniging om nieuw kader en potentieel aan te boren. Bovendien zijn de inkomsten van de partij - en daarmee dus ook de middelen om afdelingen te ondersteunen - sterk afhankelijk van het ledenaantal. Een intelligente marketingstrategie en het werven van nieuwe leden gaan hand in hand.

Het doel is de komende drie jaar, met weer als ijkmoment mei 2010, in totaal 15.000 betalende leden te hebben.

Ingrediënten zijn:

  • Bedenken en invoeren van aantrekkelijke vormen van partijlidmaatschap;
  • Ontwikkeling en uitvoeren gerichte PR-campagne;
  • Iedereen belang van ledenwerving laten uitdragen; 
  • Aantrekkelijke ledenwerf materiaal ontwikkelen en verspreiden;
  • Afdelingen verbinden met ledenwerfacties en incentives inbouwen;
  • Best practices uitwisselen: jaarlijkse prijs voor de afdeling met de beste ledencampagne.
 

Het kernteam dat verantwoordelijk is voor het realiseren: bestuurslid Marketing en ledenwerving, medewerker marketing en communicatie en een derde lid.

Herziening Werkwijze

Zoals aangegeven werkt het bestaande geheel van regels en de structuur belemmerend op de innovatie en slagkracht van de organisatie. Er wordt daarom een commissie ingesteld die alle reglementen van de partij fundamenteel gaat herzien, los van en veel verder gaand dan de acute hersteloperatie van dit moment, zodat er binnen de partij meer ruimte ontstaat om met verschillende omstandigheden om te gaan en nieuwe ideeën niet direct in de kiem worden gesmoord.

Het doel is nieuwe afspraken te maken voor de werkwijze van de partijorganisatie.

Uiterlijk in 2008 zal het congres hierover besluiten.

Uitgangspunten zijn:

  • Robuust maar flexibel;
  • Gebaseerd op vertrouwen en het afleggen van adequate verantwoording;
  • Geen commissie op commissie.
 

Het kernteam dat verantwoordelijk is voor het realiseren: Voorzitter bestuur, ambtelijk secretaris en een aantal leden.

Tot zover de vijf projecten. Het komt nu aan op de uitvoering daarvan. In de eerste plaats is het bestuur van de vereniging hiervoor verantwoordelijk. Een heroriëntatie op de rol en de taken van het bestuur is nodig.

Liberal Democrats

Als sociaal liberale partij staan we er niet alleen voor. Er zijn ook tal van sociaal liberale partijen in het buitenland, sommige van deze partijen bereiken succes op verschillende vlakken. Van het succes van deze partijen kan D66 nog wat leren, we hoeven het wiel niet zelf opnieuw uit te vinden. Met de Liberal Democrats in Engeland, Schotland en Wales (kortom de Britse LibDems) hebben we dat gemeenschappelijk sociaal liberale gedachtegoed. Naast dit gemeenschappelijke gedachtegoed zou er nog iets moeten zijn dat ons zou moeten binden, namelijk succes. Naast het electorale succes van de Liberal Democrats, zijn ze ook succesvol geweest om dicht bij de mensen, aan de basis, een partijorganisatie op te bouwen waarmee ze in staat zijn om acties te voeren, kader te vormen en een dynamische partij te zijn.

De Internationaal Secretaris gaat zich bezig houden met analyseren en praktisch doorvertalen naar D66 van de campagne aanpak, ledenwerving en partij dynamiek van de Liberal Democrats.

Heroriëntatie bestuur: een werk en doebestuur

De uitvoering van bovengenoemde vijf projecten hangen met elkaar samen. Een krachtige coördinatie en afstemming gericht op de uitvoering ervan in het bestuur is een eerste vereiste om succes te realiseren. De komende drie jaar zal terughoudend worden omgegaan met het invullen van projectbestuurslidmaatschappen. Het Landelijk Bestuur moet een hecht team zijn. Elk van de huidige bestuursleden, en de toekomstige leden, zullen zich moeten committeren aan de resultaatsverplichtingen van de vijf projecten.

Het Landelijk Bestuur bestaat uit zeven leden:

1. Voorzitter (Herziening Werkwijze)

2. Penningmeester (financiën en bedrijfsvoering Landelijk Bureau)

3. Bestuurslid Politiek (D66 Academie)

4. Bestuurslid Kenniscentrum (Het Debat centraal)

5. Bestuurslid Organisatie (Parels aan de basis)

6. Bestuurslid Marketing en Ledenwerving (Winnen 15.000)

7. Internationaal Secretaris (succes uit buitenland importeren in D66)

Ingrediënten zijn:

  • Per project is één bestuurslid verantwoordelijk voor het realiseren van de gemaakte afspraken
  • Ondersteuning door een medewerker van het landelijk secretariaat
  • De directeur van het Landelijk Bureau heeft hierover de dagelijkse en operationele leiding
  • De voorzitter van het bestuur stimuleert de bestuursleden hun taken uit te voeren en ziet toe op een adequate uitvoering ervan
  • De nieuwe voorzitter maakt nog voor het zomerreces met alle afzonderlijke bestuursleden afspraken over hun inzet en tijdsbesteding
  • Na een meer gedetailleerde uitwerking van de projecten stelt het bestuur een uitvoeringsplan op
  • Het bestuur organiseert tenminste eens per jaar een afstemmingsoverleg met regiovoorzitters en de voorzitters van de grote afdelingen over de vijf projecten
 

Tot slot, besluiten voor het congres:

1. Het instellen van het Democratisch forum

2. Het instellen van het project Parels aan de basis

3. Het instellen van de D66 academie

4. Het instellen van het project W(innen) 15.000

5. Het instellen van de commissie herziening werkwijze

 


mail deze pagina naar een vriendprint pagina
Alexander Pechtold over zijn boek: 'Henk, Ingrid en Alexander'
afspeelknop

online netwerken

facebook.comlinkedin.comhyves.nlyoutube.comTwitter D66flickr.complein66.nl
Blog Jorg van Velzen

Een leven lang leren

We kregen een papiertje, een diploma, en dachten dat we er waren. Onze ouders en grootouders waren trots en we liepen het ene schoolgebouw uit om in een ander, groter gebouw weer terug bij af te zijn. Hadden we in de ene ...
lees verder