Luister naar deze pagina met proReader

Denkkader duurzaamheid

D66 wil dat energie schoon, betrouwbaar, betaalbaar en voor iedereen toegankelijk is. Om dat te bereiken moeten we nu durven te kiezen voor een radicale omslag voor overgang naar een duurzame energiehuishouding. Nederland dient zich hier ook in Europa voor in te zetten. Onze samenleving moet in 2050 geheel zonder fossiele brandstoffen kunnen (‘Verklaring van Utrecht’).

Deze omslag levert Nederland vele voordelen op: langere termijn zekerheid van betaalbare energie, prijsstabiliteit, terugdringen van onze afhankelijkheid van het energie-infuus vanuit instabiele regio’s als het Midden-Oosten en een drastische vermindering van onze broeikasgasuitstoot en andere vervuiling.

Deze omslag levert ook nieuwe werkgelegenheid op door innovatie in de energiesector. Met nieuwe kansen voor bedrijven om opgedane kennis en ervaring te exporteren. Daarmee bereiken we duurzame welvaart, die niet ten koste gaat van toekomstige generaties.

D66 is in de regel voor een bescheiden overheid, maar hier zal de overheid de regie in handen moeten nemen. De ‘markt’ kan en zal deze problematiek namelijk niet alleen oplossen. De overheid zorgt voor een stimulerend en richtinggevend investeringsklimaat, zodat investeringen in hernieuwbare energie voor lange tijd kunnen worden gerealiseerd. De overheid stelt scherpe eisen en strenge normen, in combinatie met redelijke termijnen, waaraan de markt moet voldoen. De overheid zorgt voor een gelijk speelveld, waardoor valse concurrentie geen belemmerende rol kan spelen. De overheid zorgt voor vergroening van ons belastingsysteem.

D66 ziet dat de gewenste energietransitie tot op heden te langzaam op gang komt. Er is bij consumenten nog te weinig bewustzijn over het belang van energiebesparing en te weinig kennis over hoe dat te bereiken. Slim omgaan met energie krijgt te weinig prioriteit, ook doordat er vanuit de overheid onvoldoende over de lange termijn wordt nagedacht. Daardoor is het huidige systeem te ambtelijk, subsidies te zeer versnipperd, en beleid inconsistent. Het gevolg is investeringsonzekerheid, doordat de overheid geen betrouwbare partner is voor burgers en bedrijven.

D66 ziet dat onze huidige welvaart en economische ontwikkeling vooral gebaseerd zijn op de goedkope beschikbaarheid van olie, kolen en gas. Wij naderen het punt waarop deze belangrijke fossiele energiebronnen uitgeput raken. Bovendien brengen we met het gebruik van deze brandstoffen onomkeerbare en onherstelbare schade toe aan ons leefmilieu, aan het klimaat en aan de biodiversiteit op onze aarde. Toenemende schaarste van essentiële fossiele energiebonnen zal ook leiden tot grotere politieke instabiliteit.

D66 ziet dat Nederland bij de ontwikkeling van een duurzame energiehuishouding al jaren achterblijft bij een groot aantal andere Europese landen, zoals Duitsland, Denemarken, Spanje en Portugal. Nederland zal alles uit de kast moeten halen om in 2020 het - in Europa afgesproken - verplichte aandeel van minimaal 14% hernieuwbare energie te verwezenlijken. De breed gedragen Nederlandse ambitie van 20% vereist dat echt alle zeilen bij worden gezet. D66 ziet dat de wereld er niet in slaagt gezamenlijk bindende afspraken te maken. In een houdgreep van besluiteloosheid strompelden we naar de klimaattop in Kopenhagen om daar, na weken onderhandelen, zonder tastbaar resultaat weer uit elkaar te gaan. Dat falen heeft de noodzaak van harde, internationale overeenkomsten met betrekking tot duurzame energieproductie verder vergroot.

Het realiseren van een duurzame energiehuishouding is van groot belang. Daarvoor is nodig: direct en aanzienlijk beperken van onnodig energiegebruik, versneld gebruik gaan maken van hernieuwbare energiebronnen en - waar fossiele energie nog onvermijdelijk is - deze zo efficiënt en duurzaam mogelijk opwekken. Volgens D66 gaat dit gepaard met een omslag van centrale naar duurzame lokale opwekking.

Behalve overheid en bedrijfsleven heeft ook het individu een rol in de transitie naar een duurzame samenleving. Sterker nog, juist consumenten hebben directe invloed op het bewerkstelligen van werkelijke veranderingen. Ieder individu draagt een eigen verantwoordelijkheid voor de omgeving waarin hij of zij leeft. Het is daarom belangrijk dat fors wordt geïnvesteerd in de verdere bewustwording van consumenten, in kennis over energiebesparing, en in gedragverandering.

Dit alles kan niet gerealiseerd worden zonder bindende klimaatdoelstellingen over grenzen heen. Nu is de kans om, vanuit de kleine gebaren, de grote slagen te maken. Als het aan D66 ligt wacht Europa niet langer op de Verenigde Staten en China, maar nemen we de vlucht naar voren: Europa-breed kiezen voor schone energie. Wind, water en zon in plaats van olie, kolen en gas.

D66 is voor het principe ‘de vervuiler betaalt’. Dat geldt op alle niveaus: voor het individu, voor bedrijven en voor overheden. Het creëren van een gelijk speelveld voor ‘vuile’ en ‘schone’ technologieën betekent onder meer dat de maatschappe-lijke (ecologische) kosten van energieproductie en –gebruik moeten worden toegerekend aan de bron. D66 is voor een actieve rol voor de overheid om de transitie in goede banen te leiden en de economie structureel te verduurzamen. We moeten weg van de vrijblijvende convenanten en intentieverklaringen, en met meer durf en ambitie dwingender afspraken maken. D66 staat voor de belangen van volgende generaties. De aarde is niet van ons. Energiebesparing, duurzame energieproductie en vergroening van onze economie zijn niet alleen noodzakelijk om de aarde in de nabije toekomst leefbaar te houden. Ook de kinderen van de toekomst hebben recht op een schone wereld.

 


mail deze pagina naar een vriendprint pagina
Wouter Koolmees over het wandelgangenakkoord
afspeelknop

online netwerken

facebook.comlinkedin.comhyves.nlyoutube.comTwitter D66flickr.complein66.nl
Blog Jorg van Velzen

Een leven lang leren

We kregen een papiertje, een diploma, en dachten dat we er waren. Onze ouders en grootouders waren trots en we liepen het ene schoolgebouw uit om in een ander, groter gebouw weer terug bij af te zijn. Hadden we in de ene ...
lees verder